In totaal beslaat de Wezepsche Heide zo'n 260 hectare. Anders dan de naam doet vermoeden, bestaat het gebied niet alleen uit heide; ongeveer de helft ervan is voornamelijk uit dennenbos met hier en daar wat berken.
Het glooiende heidelandschap is verdeeld in twee delen die vooral heel open zijn. Kenmerkend zijn de weidse vergezichten met hier en daar een groepje eiken of een grove den. De glooiingen herinneren nog aan de ijstijd toen het ijs dat vanuit het noorden binnenschoof, hier veel zand omhoog drukte. Ook de vele kiezels op de paden zijn met het ijs meegekomen.
Het heidegebied vormt een lage begroeiing. Om te voorkomen dat de planten te hoog worden en de stengels zich verhouten, werd er vroeger regelmatig gemaaid. Door dat maaien kregen zaailingen van naald- en loofbomen geen kans zich te ontwikkelen en bleef het heidegebied begroeid met enkel heideplanten.
Sinds 1993 'maaien' Schotse hooglanders de jonge uitlopers van de hei en eten deze grote runderen gras en jonge bomen tussen de heideplanten weg. Alleen jonge dennen laten ze staan. Die vinden ze niet lekker. Een paar keer per jaar zijn daarom vrijwilligers aan het werk om die jonge dennen weg te halen.
Het bosgebied bestaat uit een afwisselend bos van grove dennen. Afwisselend omdat de bomen van leeftijd verschillen waardoor een gevarieerde aanblik is ontstaan. Aan de randen groeien berken die zichzelf uitzaaien. Het zijn vrijwel de enige aanwezige loofbomen.
Om meer loofbomen in het gebied te krijgen, is men sinds een paar jaar bezig het bos van grove dennen wat uit te dunnen. Zo krijgen ook andere loofbomen – waaronder de zomereik – een kans zich te vestigen en zal het bos na verloop van tijd een gevarieerde aanblik tonen.
Het beschermde natuurgebied De Wezepsche Heide is een van de waterwingebieden van Vitens. Vitens pompt jaarlijks 3,8 miljoen kubieke meter water uit de bodem omhoog. Nadat het is gezuiverd, komt het als drinkwater uit de kranen van de bewoners van Wezep en Kampen.