Diederik Pomstra woonde een maand lang in het Horsterwold. Hij bouwde er twee hutten op exact dezelfde manier als dat in het stenen tijdperk gebeurde. Dit ‘ervaringsexperiment’, zoals hij het zelf noemde, deelde Diederik met enkele andere geïnteresseerden in het leven van vroeger. In dit geval, het leven uit de tijd dat de mens op dieren jaagde en eetbare planten verzamelde die in het wild groeiden.
Als kind was Diederik altijd al geïnteresseerd in het kamperen in de vrije natuur. Daar maakt hij dan zelf vuur en verzamelde hij eetbare planten. Het leven dat hij in Hosterwold leidde, was daarmee te vergelijken. De maaltijden die hij at, bestonden louter uit in de vrije natuur verzamelde plantaardige materialen.
Het is overigens verassend te ontdekken hoeveel planten eetbare delen hebben en welke smaakvolle gerechten ermee te bereiden zijn. Op het menu van Diederik stonden onder andere:
Pastinaak
De plant is te vergelijken met de bekendere berenklauw. Het is een forse plant met een grote schermvormige bloeiwijze. Het eetbare deel is de wortel. Die is circa 20 cm lang en te vergelijken met een winterwortel. Echter, de pastinaak is crèmekleurig.
De wortel is een goede zetmeelbron. In of onder de hete as van een vuur is hij te garen. Koken in water kan ook. De smaak is anijsachtig.
Lisdodde
De lisdodde is een bekende oeverplant van ruim een meter hoog die bloeit met de bekende bruine ‘sigaarvormige’ bloemen. Het is een beschermde plantensoort die in diverse waterrijke gebieden toch nog op grote schaal voorkomt. Heeft de plant het eenmaal goed naar zijn zin dan verspreidt hij zich snel met ondergrondse uitlopers.

De wortel van de lisdodde is te roosteren in open vuur en verse scheuten zijn, net als de jonge bloemstengels, rauw of gekookt te eten. Verrassend genoeg kan van het vele stuifmeel pap worden gemaakt of een beslag voor pannenkoeken. Zo’n pannenkoek is dan te bakken op een platte steen die eerst is verhit door hem in het open vuur te leggen.
Speenkruid
Speenkruid is een bodembedekkende plant die groeit op schaduwrijke plaatsen onder bomen en struiken. In het vroege voorjaar kleuren de bloemen grote oppervlaktes heldergeel.

De wetenschappelijke naam van speenkruid is Ranunculus ficaria waarbij ficaria verwijst naar de vijg (Ficus). Voordat de plant gaat bloeien, zijn de smaakvolle wortelknolletjes van deze plant in hete as gaar te stoven. Ook vóór de bloei is het verse blad te eten. Tijdens de bloei ontwikkelt de plant giftige stoffen en is speenkruid niet meer eetbaar. Ook grazende dieren laten de plant dan met rust.
Nog meer eetbaars….
Van riet zijn de jonge bovengrondse scheuten en de jonge zoete wortelstok rauw te kauwen. Jonge boombladeren van linde, beuk, berk en meidoorn zijn rauw en/of gekookt te eten. Gekookte groeitoppen van brandnetels zijn lekker en gezond. En de vlier geeft behalve smaakvolle en gezonde bessen ook eetbare jonge takjes. Rauw te eten maar wel eerst even schillen…