Het gebruik van planten voor geneeskundige doeleinden is zo oud als de planten zelf en wereldwijd verspreid. Verrassend veel planten hebben eigenschappen of stoffen met een geneeskrachtige eigenschap. In de traditionele volksgeneeskunde deden ze, en doen ze vaak nog steeds, dienst als puur geneesmiddel óf als uitgangmateriaal voor een geneesmiddel.
Geneeskrachtige planten bezitten allerlei stoffen die in bepaalde samenstellingen of concentraties genezing kunnen bevorderen. Hoe tegenstrijdig het ook klinkt, vaak gaat het ook om toxische (giftige) stoffen en is vooral de gebruikte dosis erg belangrijk. Dat een kruid werkzaam is, impliceert dus dat het ook bijwerkingen kan hebben of schadelijk kan zijn bij verkeerd of overmatig gebruik. Plantenkennis is dus vereist!
Van alle planten in de natuur is slechts een bescheiden groep onderzocht. Over de geneeskrachtige kracht van planten is dus nog lang niet alles bekend. Wel is overduidelijk gebleken dat veel planten vooral werkzaam zijn in geval van milde aandoeningen. Daarnaast kunnen geneeskrachtige planten de werking van de reguliere geneeskunst soms ondersteunen.
Veel planten met een erkende werking zijn door de jaren heen beschreven. Een bekend voorbeeld is de in Nederland algemeen voorkomende brandnetel. De gemakkelijkste manier om de werkzame stoffen van de plant binnen te krijgen, is simpelweg thee te zetten van de (gedroogde) bladeren en die op te drinken. Het helpt tegen hoge bloeddruk en is ook een reinigend middel dat de spijsvertering stimuleert.
Het is verrassend te ontdekken hoeveel andere planten ook de gezondheid kunnen stimuleren.
Bijvoet (Artemisia vulgaris) kun je in je schoenen doen als je last van je voeten hebt. Bijvoorbeeld wanneer ze erg vermoeid zijn. De Romeinen deden al blaadjes in hun sandalen tijdens de lange afstanden die ze moesten afleggen. Vroeger gebruikten arme mensen gedroogde blaadjes als tabak en ook voor het kruiden van bier wordt bijvoet gebruikt.
Weegbree (Plantago major) kan helpen bij de genezing van huidproblemen, infecties en spijsverteringsstoornissen. Leg een gekneusd blad op een muggenbeet en het verzacht.
Stinkende gouwe (Chelidonium majus ) produceert oranje sappen wanneer je de steeltjes openbreekt. Dat sap helpt goed tegen wratten en likdoorns en ook tegen een droge huid. Ook werkt het in op levercellen en is het te gebruiken bij het ontgiftigen van de lever.
Vogelmuur (Stellaria media) heeft mals blad dat eenmaal tussen de vingers gekneusd, op pijnlijke ogen of huid gelegd kan worden. Het werkt ook spijsverteringsbevorderend en was vroeger een veel gebruikt middel tegen vastzittende hoest.
Duizendblad (Achillea millefolium) is, na het even gekauwd te hebben, een perfect middel bij een schaafwond. De Latijnse naam Achilleaverwijst naar de Griekse held Achilles die met duizendblad de wonden van zijn krijgers genas nadat hij was gewezen op de bloedstelpende werking van deze plant.
Smeerwortel (Symphytum officinale) werkt pijnstillend bij kneuzingen en verzwikkingen. Smeerwortelgelei helpt spieren en gewrichten soepel te houden. Onderzoek heeft uitgewezen dat de plant heling van wonden inderdaad kan bevorderen door de de vorming van nieuwe cellen te stimuleren.
Citroenmelisse (Melissa officinale) ontspant de maag, darmen en zenuwen. Al in de 10de eeuw prezen Arabieren de werkzaamheid als hartversterkend middel en het gunstige effect bij zwaarmoedigheid.