Wie nietsvermoedend in de grond graaft, kan hem zomaar tegenkomen; de veenmol. Het bruin tot geelachtige insect is een vreemde verschijning. Volwassen exemplaren zijn zo'n 5 cm groot, hebben een buitensporig grote kop, tot graafschoppen omgebouwde voorpoten en een lichte beharing. En aan het achterlijf zitten nog eens twee lange uitsteeksels. Het is dus even schrikken...
Onmiskenbaar aan de veenmol zijn de sterk gepantserde kop en schouders. Daarnaast vallen zijn krachtige voorpoten op. Wie goed kijkt – of beter gezegd; wie goed dúrft te kijken – ziet dat elke voorpoot sterk is verbreed en indrukwekkende graafnagels heeft. Een veenmol is dus een echte graver! Vandaar de verwijzing naar de mol, die ondergronds zijn voedsel zoekt en eitjes legt. Hij komt slechts zelden boven de grond.
Hoewel de veenmol in de tuin door wortelvraat vaak schade aan kan richten, leeft het dier voor het overgrote deel van insectenlarven en wormen. De veenmol is dus zowel een schadelijk als een nuttig insect.
De veenmol heet ook wel aardkrekel of molkrekel en die verwijzing heeft te maken met het feit dat ook de veenmol kan 'tjirpen' zoals we dat kennen van de krekel. Dat doet hij door met zijn stevige dekvleugels over elkaar te wrijven. Het veroorzaakt zowel hoge als lage tonen. Overigens zijn krekels en veenmollen geen familie van elkaar.
Zit de veenmol in stilte, dan vouwen de vleugels van het dier zich dicht om zo een stevige, overigens ongevaarlijke, doorn midden op de rug te vormen. Ook de twee vervaarlijk uitziende uitsteeksels op het achterlijf zijn onschuldig. Die dienen enkel als tastorgaan.
Tegen paringstijd maakt het mannetje een holletje en gaat vervolgens in de ingang zitten tjirpen. De aardholte is zo uitgegraven dat deze het geluid versterkt.
Als een vrouwtje arriveert, vindt de paring plaats. Het vrouwtje legt daarna tot 300 eitjes en verzorgt ze door ze schoon te houden. Daarbij zorgen zijgangen in het nest voor de afvoer van overtollig water. Van planten die precies boven het nest groeien, eet de veenmol de wortels weg. Op die manier profiteert het nest optimaal van het zonlicht.
Na enkele weken verlaten de nimfen – de nog onvolwassen diertjes – het nest. Het duurt dan nog zeker anderhalf jaar voor ze helemaal volwassen zijn.
De veenmol behoort tot de grootste insecten die in West-Europa voorkomen en is in Nederland vrij zeldzaam. Hij staat zelfs op de lijst van beschermde diersoorten.