Om drinkwater te maken uit grondwater moet het water dat je uit de grond haalt meestal gezuiverd worden; stoffen zoals ijzer en mangaan moeten uit het grondwater verwijderd worden om het geschikt te maken als drinkwater. Maar er zijn ook plaatsen in Nederland waar je, om het grondwater geschikt te maken voor drinkwater, geen stoffen moet verwijderen, maar juist moet toevoegen. We hebben het dan over grondwater in de stuwwallen, zoals de Sallandse Heuvelrug.
De Sallandse heuvelrug is een stuwwal die zo'n 150.000 tot 200.0000 jaar geleden gevormd is tijdens de voorlaatste ijstijd. De stuwwal bestaat voornamelijk uit zand en ligt hoger dan het omringende land. Het regenwater infiltreert hier en stroomt als grondwater naar de lager gelegen gebied rond om de stuwwallen. Omdat de infiltratie van regenwater vanaf de vorming van de stuwwal, heeft plaats gevonden, zijn alle oplosbare stoffen voor het grootste gedeelte uitgespoeld. Het grondwater onder de stuwwal is daardoor zeer schoon grondwater. Dat geldt niet alleen voor de Sallandse heuvelrug, maar ook voor andere stuwwallen, zoals bijvoorbeeld de Lemelerberg en vooral natuurlijk de Veluwe. Het water is ook schoon gebleven omdat verontreinigende activiteiten er niet of nauwelijks plaats hebben gevonden; de meeste stuwwallen zijn vooral gebruikt als heidevelden en natuurterrein.
Omdat er bij de infiltratie van het regenwater niet zo heel veel meer gebeurt met de kwaliteit van het water, is het grondwater net zoals regenwater aan de zure kant. Daarom wordt er kalk toegevoegd om het te kunnen gebruiken als drinkwater. Dat gebeurt hier door het water te filteren over marmer. Hierdoor wordt de zuurgraad van het water aangepast en treedt geen aantasting van de leidingen op.